Gescheiden ouders en de huisarts
In onze praktijk willen we goede zorg geven aan uw kind.
Ook als u gescheiden bent, blijft het kind voor ons op de eerste plaats.
In het kort
-
Tot 12 jaar beslissen de ouder(s) met gezag over de behandeling.
-
Van 12 tot 16 jaar beslissen de ouder(s) met gezag samen met het kind.
-
Vanaf 16 jaar beslist het kind meestal zelf.
-
Wij gaan er normaal gesproken vanuit dat de ouder die met het kind komt, ook namens de andere ouder met gezag spreekt.
-
Wij verwachten dat ouders elkaar zelf informeren over de gezondheid van hun kind.
Wat u van ons mag verwachten
-
Wij helpen uw kind volgens de medische regels.
-
Wij blijven neutraal in conflicten tussen ouders.
-
Wij geven informatie aan ouders met gezag, zolang dit goed is voor het kind.
-
In spoedsituaties helpen wij het kind altijd direct.
Wat wij van u verwachten
-
Vertel ons bij de inschrijving als u gescheiden bent en hoe het gezag is geregeld.
-
Spreek samen af hoe u elkaar op de hoogte houdt.
-
Maak onderlinge ruzies niet uit in de spreekkamer.
-
Gebruik de huisarts niet in uw juridische strijd.
Heeft u vragen over gezag of omgang?
Dan kunt u het beste contact opnemen met een advocaat, mediator of het juridisch loket. De huisarts kan hierover geen beslissingen nemen.
______________________________________________________________________________________
Volledige tekst:
Gescheiden ouders en de huisarts
Bij gescheiden ouders is goede medische zorg voor het kind soms ingewikkeld, zeker als ouders onderling van mening verschillen. In onze huisartsenpraktijk volgen we de wet en de richtlijnen van de artsenfederatie KNMG. Het belang van het kind staat daarbij voorop. Hieronder leggen we uit hoe wij omgaan met gezag, toestemming en het delen van medische informatie bij minderjarige kinderen van gescheiden ouders.
In het kort
-
Bij kinderen tot 12 jaar beslissen de ouder(s) met gezag over de behandeling.
-
Bij kinderen van 12 tot 16 jaar beslissen de ouder(s) met gezag samen met het kind.
-
Vanaf 16 jaar beslist het kind in principe zelf over zijn of haar behandeling.
-
Wij mogen er meestal van uitgaan dat de ouder die met het kind naar de praktijk komt, ook namens de andere gezagsouder spreekt.
-
We geven aan beide gezagsouders in principe dezelfde informatie, tenzij dat niet in het belang van het kind is.
-
Een ouder zonder gezag kan globale, feitelijke informatie krijgen, maar heeft geen recht op inzage in het hele dossier.
-
In acute situaties behandelen wij altijd wat medisch nodig is, ook als niet alle ouders bereikbaar zijn.
Dit document beschrijft onze werkwijze. Het is een uitleg van hoe wij de wet en KNMG‑richtlijnen toepassen in de praktijk; bij eventuele verschillen gaat de wet altijd voor.
Gezag en beslissen over behandeling
Wie heeft gezag?
Gezag gaat over het recht én de plicht om belangrijke beslissingen voor een kind te nemen, bijvoorbeeld over medische zorg. Ouders kunnen gezamenlijk gezag hebben, of één ouder kan alleen gezag hebben. Soms hebben één of beide ouders geen gezag, bijvoorbeeld als een voogd is aangewezen.
Wie gezag heeft, is voor ouders zelf na te gaan in het gezagsregister van de overheid. Wij hebben geen wettelijke plicht om standaard zelf het gezagsregister te controleren. Wel kunnen wij hiernaar vragen als dat voor de behandeling of informatieverstrekking relevant is, bijvoorbeeld bij conflicten.
Leeftijd en toestemming
-
Kinderen tot 12 jaar
De ouder(s) met gezag beslissen over onderzoek en behandeling. Toestemming van het kind is juridisch niet vereist, maar wij proberen het kind zo goed mogelijk te betrekken en uit te leggen wat er gebeurt. -
Kinderen van 12 tot 16 jaar
In deze leeftijdsgroep is in principe toestemming nodig van zowel het kind als de ouder(s) met gezag. In de praktijk zoeken we naar gezamenlijke besluitvorming. In uitzonderlijke gevallen kan een arts afwijken als behandeling duidelijk in het belang van het kind is en het kind dit wil, terwijl een ouder met gezag bezwaar maakt. Dat is maatwerk en gebeurt alleen na zorgvuldige afweging. -
Jongeren vanaf 16 jaar
Jongeren vanaf 16 jaar beslissen in principe zelf over hun medische behandeling en hebben een eigen recht op geheimhouding. Ouders (met of zonder gezag) hebben dan geen automatisch recht meer op informatie, tenzij de jongere daar toestemming voor geeft of een wettelijke uitzondering geldt.
Eén ouder op het spreekuur
In de praktijk komt vaak één ouder met het kind naar de huisarts. Wij hoeven niet bij elke afspraak te onderzoeken hoe het gezag precies is geregeld. Tenzij er duidelijke aanwijzingen zijn voor een meningsverschil tussen ouders, mogen wij ervan uitgaan dat de ouder die met het kind komt, namens de andere gezagsouder spreekt, ook als ouders gescheiden zijn.
Alleen als er concrete signalen zijn dat ouders het fundamenteel oneens zijn over de behandeling, of als wij van een andere gezagssituatie weten, kan het nodig zijn om expliciet toestemming van beide gezagsouders te vragen of de behandeling uit te stellen, mits dat medisch verantwoord is. In acute situaties stellen wij de gezondheid en veiligheid van het kind altijd voorop en behandelen wij zo nodig direct.
Informatie aan gezagsouders
Beide ouders met gezag hebben recht op informatie over de gezondheid van hun kind. Dat recht bestaat ook als ouders gescheiden zijn en zelfs als er geen omgangsregeling meer is. In de praktijk betekent dit dat wij in principe medische informatie mogen delen met beide gezagsouders, tenzij:
-
het delen van informatie duidelijk in strijd is met het belang van het kind, of
-
het kind (12 jaar of ouder) gemotiveerd aangeeft niet te willen dat bepaalde informatie met een ouder wordt gedeeld, en wij inschatten dat het respecteren van die wens in het belang van het kind is.
Ook bij conflicten tussen ouders blijft het uitgangspunt dat wij beide gezagsouders als betrokken bij het kind beschouwen, tenzij de rechter anders heeft bepaald (bijvoorbeeld intrekking gezag) of het belang van het kind zich duidelijk verzet tegen informatieverstrekking.
Informatie aan ouders zonder gezag
Een ouder zonder gezag heeft een beperkter recht op informatie. In de wet staat dat de arts in dat geval “globale, feitelijke informatie” mag geven over de gezondheid van het kind. Dat betekent bijvoorbeeld:
-
wel: algemene informatie over hoe het met het kind gaat, of er belangrijke medische aandoeningen zijn, of er behandeling plaatsvindt;
-
niet: volledige inzage in het dossier, uitgebreide rapportages of kopieën van brieven die primair bedoeld zijn voor de ouder(s) met gezag of andere zorgverleners.
Wij kunnen informatie aan een ouder zonder gezag weigeren als:
-
dit niet in het belang van het kind is, of
-
wij daardoor in een loyaliteitsconflict voor het kind terechtkomen, of
-
er bijzondere omstandigheden zijn (bijvoorbeeld ernstige bedreiging of misbruik).
Ook hier geldt: het belang en de veiligheid van het kind gaan vóór.
Onze verwachtingen van ouders
Bij gescheiden ouders verwachten wij dat zij elkaar zelf op de hoogte houden van belangrijke medische zaken rond hun kind. De huisarts heeft geen taak om als tussenpersoon of boodschapper te functioneren tussen ouders. Als ouders afspreken elkaar te informeren, ligt de verantwoordelijkheid voor het nakomen van die afspraak bij de ouders zelf.
Bij inschrijving van een minderjarig kind waarvan de ouders gescheiden zijn, vragen wij ouders om kennis te nemen van dit beleid. Wij kunnen ouders dan zo nodig aan deze afspraken herinneren. Wanneer blijkt dat ouders elkaar structureel niet informeren, blijven wij de zorg voor het kind leveren die medisch nodig is, maar wij nemen hun onderlinge communicatie niet over.
Wat wij wel en niet doen
Wat wij wél doen
-
Wij verlenen medische zorg aan kinderen en jongeren volgens de geldende richtlijnen.
-
Wij informeren gezagsouders binnen de wettelijke kaders en met oog voor het belang van het kind.
-
Wij leggen zorgvuldig vast wat wij met en over het kind bespreken en wat ouders aan ons melden.
-
Wij blijven neutraal in conflicten tussen ouders en richten ons op de gezondheid van het kind.
Wat wij niet doen
-
Wij treden niet op als scheidsrechter in omgangs- of gezagsconflicten.
-
Wij bemiddelen niet tussen ouders over juridische of opvoedkundige geschillen.
-
Wij stellen geen brieven op waarin wij partij kiezen voor één ouder in juridische procedures.
-
Wij geven geen uitgebreide processtukken of rapportages voor de rechtbank vanuit een partijdig standpunt.
Als ouders juridische problemen hebben over gezag of omgang, verwijzen wij naar een advocaat, mediator of andere passende instantie. Waar nodig kunnen wij feitelijke medische informatie verstrekken, binnen de grenzen van het beroepsgeheim.
Samenvattend
Wij begrijpen dat een scheiding veel spanning kan geven, ook rondom de zorg voor een kind. Tegelijk zijn wij als huisartsen gebonden aan wet‑ en regelgeving en aan ons beroepsgeheim. Wij richten ons in de eerste plaats op goede medische zorg voor het kind en volgen daarbij de KNMG‑richtlijnen. Van ouders verwachten wij dat zij elkaar zo goed mogelijk informeren en hun onderlinge conflicten buiten de spreekkamer oplossen.